Chronische liesklachten

De lies is een verzamelnaam voor de regio aan de voorzijde van de heup, lopend tot aan de binnenzijde van het bovenbeen. In dit gebied lopen diverse spieren, pezen, banden en andere structuren door en langs elkaar heen om zo een goede functie van de heup te garanderen.

Dit is noodzakelijk omdat er bij elke beweging grote krachten op de lies komen te staan.

Klachten aan de lies komen veelvuldig voor afhankelijk van de sport (bijvoorbeeld: voetbal:
tussen 20% en 40%, tennis: tussen 10 en 24 % en turnen: tussen 4 en 8%).
Globaal zijn er 2 oorzaken voor pijn in de lies aan te geven:
– acute liesklachten en
– chronische liesklachten.

Chronische liesklachten zijn klachten die langer dan 6 weken bestaan en vrijwel zonder aanwijsbare oorzaak zijn ontstaan. De klachten komen langzaam opzetten en verdwijnen in rust,maar treden weer op bij activiteiten (sprinten, springen en soms al bij wandelen). Ook kan het
zijn dat de klachten begonnen zijn als acute liesklachten maar niet hersteld zijn binnen 6 weken.
De liesklachten beperken de sporter in het uitvoeren van zijn of haar sport, aangezien bepaalde onderdelen van de sport niet (zonder pijn) gedaan kunnen worden.

Hoe ontstaat een chronische liesblessure:
Een chronische liesblessure kan op 2 manieren ontstaan:
– een acute liesblessure die niet hersteld binnen 6 weken;
– of een langdurige en/ of ongewone kracht op de liesregio.

In beide gevallen ligt de oorzaak van het bestaan van de klacht vaak niet in de lies zelf, zoals dat bij acute liesklachten vaak wel ligt.
De oorzaak van de klachten bij chronische liesproblematiek ligt vaak in een verkeerd bewegingspatroon van de lage rug en/ of het bekken. Het kan zijn dat de beweging niet goed gestuurd wordt of dat er teveel of te weinig beweeglijkheid in deze regio zit. Hierdoor worden
tijdens het bewegen de structuren in de liesregio anders belast als bedoeld. Er komt op de pezen en spieren van de liesregio te veel kracht te staan, waardoor uiteindelijk klachten ontstaan.

Het is daarom zaak om bij deze klachten nader onderzoek te doen naar de lage rug en het bekken. De fysiotherapeut is wat dat betreft de specialist om de gehele bewegingsketen te onderzoeken en te beoordelen.

Behandeling
Wanneer blijkt dat de klachten voortkomen uit een verkeerde sturing (verminderde stabiliteit) van de beweging zal de fysiotherapeut voorstellen om een programma te volgen om de stabiliteit te verbeteren, wat onder andere bestaat uit buik- en rugspieroefeningen. Ook zal een deel zelfstandig thuis gedaan moeten worden.

Komen de klachten voort uit een te weinig aan beweging in de lage rug of het bekken, dan zal eerst deze beweeglijkheid verbeterd moeten worden met een lokale behandeling en huiswerkoefeningen.

Hierna zal de fysiotherapie gericht zijn op het verbeteren
en onderhouden van de basiseigenschappen van de spieren: uithoudingsvermogen, lenigheid, kracht, coördinatie en snelheid.

Als deze basiseigenschappen op orde zijn, kan er weer
begonnen worden met het trainen van sportspecifieke
vaardigheden en/ of activiteiten. Daarbij blijft het wel van belang om de basisvaardigheden te onderhouden middels rekoefeningen en oefeningen voor de mobiliteit van de lage rug en bekken.

Als ook de afzonderlijke sportspecifieke vaardigheden getraind zijn en weer op voldoende niveau zijn, dan pas is een terugkeer op het sportveld aan de orde. Begin je eerder weer met sporten, dan heb je grote kans dat je blessure weer in alle hevigheid terug kan komen.

Share Button

Reacties zijn gesloten.